Zuivelbeleid op de schop  Zuivelbeleid op de schop
Print deze pagina Print deze pagina Datum: 1-4-2003
Bron: AelmanScoop 15
Auteur: Jo Aelmans

Begin dit jaar heeft de Europese Commissie de hervormingsvoorstellen van het gemeenschappelijk landbouwbeleid van landbouwcommissaris Fischler goedgekeurd. De hervormingen hebben tot doel om de EU-prijzen op wereldmarktniveau te krijgen. De directe inkomenssteun, die als compensatie wordt verleend, is gekoppeld aan duurzaamheidseisen (dierenwelzijn, milieu, voedselveiligheid en kwaliteit). De definitieve praktische invulling van de voorstellen is nog niet bekend. Daarom belichten we in dit artikel alleen de hoofdlijnen van het nieuwe beleid. Actualiteiten kunt u regelmatig terugvinden op onze website: www.aelmans.com

Voorstellen
Kort samengevat draait het nieuwe EU beleid voor de melkveehouders uit op een verlaging van de interventieprijzen van zuivelprodukenten. Een bedrijfstoeslag dient deze verlaging te compenseren (zie tabel). Het voorstel is om de interventieprijzen van magere melkpoeder en boter vanaf 2004 vijf jaar lang jaarlijks met respectievelijk 3,5% en 7% te verlagen. Dit komt uit op een totale verlaging van respectievelijk 17,5 en 35 %! In 2007 en 2008 zal de Europese commissie het melkquotum met 1% verhogen. Het melkquotumsysteem wil ze handhaven tot 2014/2015.

Tabel: Bedrijfstoeslagen in euro’s per ton melk:

Jaar 2004 2005 2006 2007 2008
Bedrijfstoeslag 5,75 11,49 17,24 22,99 28,74
Nat. enveloppe 2,57 5,11 7,63 10,08 12,47
Totaal 8,32 16,60 24,87 33,07 41,21

Volgens de huidige voorstellen bepaalt het melkquotum per 31 maart 2004 de hoogte van de toeslag. Het zal ons echter niets verbazen als de Europese commissie deze peildatum vervroegt. Inspelen op dit voorgestelde beleid (lees: aankoop van melkquotum) lijkt ons derhalve niet raadzaam. Ongetwijfeld zullen de veranderingen in het zuivelbeleid een negatief effect hebben op de inkomens in de melkveehouderij. De omvang hiervan blijft gissen. De zuivel is immers een dynamische sector waarbij naast het beleid, ook de markt (waaronder de gevolgen van de uitbreiding van de EU), wijzigingen in de productie bij de fabrieken en andere kostprijsbepalende factoren een duidelijke rol spelen.

Aanpassing quoteringsregels
Het COS heeft enkele regels rondom de melkquotering gewijzigd. Hierbij geven wij u een kort overzicht van de belangrijkste aanpassingen.

Vetafronding
In opdracht van de Europese Unie heeft het COS de regelgeving rondom de vetafronding per 1 maart 2003 gewijzigd. De wijziging houdt in dat een melkveehouder melkquotum moet aankopen met minimaal hetzelfde vetgehalte als het gehalte van zijn eigen quotum, wil het vetgehalte van het quotum na aankoop niet dalen!

Verleasen
Met ingang van 1 april 2004 dient elke melkveehouder tenminste 70% van zijn melkquotum zelf te produceren. Voor een aantal verleasers heeft dit nieuwe beleid grote gevolgen. In een aantal gevallen loont het de moeite te onderzoeken of er mogelijkheden bestaan om te komen tot een bepaalde vorm van samenwerking met een melkveehouder. Dit met het doel zich te ontdoen van het keurslijf van de regelgeving in zake het structureel verleasen.

Overname
Een ander wijziging van de regelgeving heeft betrekking op de overname van melkveebedrijven. Degene die een melkveebedrijf overneemt krijgt een nieuw COS-nummer. Vanaf dit melkprijsjaar zal de melkveehouder het overgenomen melkquotum eerst zelf moeten melken en aan de fabriek leveren (activeren)! Dit heeft te maken met de interpretatie van het begrip “producent”. Het laatste woord over deze interpretatie van het COS is nog niet gesproken. Inmiddels zijn onzerzijds een aantal zaken voorgelegd, waarbij de onredelijkheid van de interpretatie duidelijk aan de kaak gesteld wordt.



> Verstuur uw vraag/opmerking n.a.v. dit artikel