Inzicht in uw cijfers; ofwel, hoe hou ik als ondernemer de vinger aan de pols  Inzicht in uw cijfers; ofwel, hoe hou ik als ondernemer de vinger aan de pols
Print deze pagina Print deze pagina Datum: 1-10-2003
Bron: AelmanScoop 16
Auteur: Jan Horsmans

Door allerlei omstandigheden lijkt de trend van schaalvergroting een extra impuls te krijgen. Denkt u maar aan bijvoorbeeld:

  • de stagnerende groei van de vraag naar “biologische” producten: de overstap wordt minder lucratief;
  • de herstructurering van het EU-landbouwbeleid: inkomenstoeslagen worden afgebouwd;
  • verkrapping van de marge: het verschil tussen melkopbrengst en toegerekende kosten wordt kleiner;
  • de N-richtlijn: deze maakt areaaluitbreiding noodzakelijk.

Opschaling is echter niet zonder meer de richting en al helemaal niet de garantie voor inkomensverbetering. Het besluit hiertoe is afhankelijk van een aantal factoren waarbij als de belangrijkste zijn aan te merken:

  • de financieringsstructuur van de bestaande situatie, mede in verhouding tot de mogelijke verkoopopbrengst;
  • de kostenstructuur binnen het huidige bedrijf;
  • de wil en het kunnen van de ondernemer en zijn gezin.

De adviespraktijk leert dat bij de ondernemers (te) vaak onvoldoende inzicht en bewustzijn aanwezig is ter zake bovengenoemde beoordelingscriteria. Inzicht in de eigen financieel-economische bedrijfssituatie is goed te verkrijgen door een korte analyse op de door de accountant opgemaakte jaarrekening los te laten. Mijn ervaring is dat dit in de praktijk te weinig gebeurt. De oorzaak is het feit dat ondernemers de jaarrekening vaak zien als een noodzakelijk kwaad ten behoeve van de fiscus én het feit dat vaak de analysesystematiek niet bekend is. Analyse kan op verschillende manieren worden uitgevoerd, doch de wijze van presentatie moet aansluiten op de daartoe gemaakte afspraken. Dit betekent dat de uitgangspunten uniform gehanteerd dienen te worden. De input is immers bepalend voor de kwaliteit van de output. De resultaten moeten vergelijkbaar zijn met die van andere bedrijven. Zo dient eenduidigheid te bestaan over o.a. de begrippen saldo en/of voerwinst. Over deze begrippen zijn landelijk afspraken gemaakt die zijn terug te vinden in de door Praktijkonderzoek Veehouderij samengestelde Kwantitatieve Informatie Veehouderij (KWIN). Vaak maken bedrijven gebruik van managementprogramma's waaruit de technische en economische prestaties als gevolg van de gehanteerde bedrijfsvoering voortvloeien. Hierbij geldt nog nadrukkelijker dat de kwaliteit van het gepresenteerde eindresultaat afhankelijk is van de invoer in deze managementsystemen.

Maar al te vaak wordt met deze resultaten geen aansluiting gevonden bij het feitelijk uit de jaarrekening blijkend financieel resultaat. Bovendien hanteren deze programma's vaak een andere interpretatie van het begrip saldo, waardoor de vergelijking tussen bedrijven en de verschillende managementprogramma's stuk loopt.

In zijn algemeenheid, zeer zeker bij de melkveehouderij, geldt dat een korte uniforme en consequente analysetechniek, toegepast op de jaarrekening, ruim voldoende inzicht geeft in zowel de technische als de financiële prestaties. Presentatie van de gegevens in een meerjarenoverzicht op één blad geeft enerzijds helderheid omtrent ontwikkelingen binnen het bedrijf en anderzijds inzicht in de kostenbelading en opbrengstontwikkeling. Deze wijze van presenteren van de bovengenoemde analysecijfers zorgt vaak voor een verrassing bij de ondernemer.

Met het oog op de snelle (economische) ontwikkelingen is het noodzakelijk een vinger aan de financiële en technische “pols” te houden. Dit is goed mogelijk door inzicht te hebben en te houden in het financiële reilen en zeilen van uw bedrijf. Vervolgens moet u met dit inzicht natuurlijk iets doen!

Vanuit dit inzicht moet u de knelpunten binnen uw bedrijf opsporen. De knelpunten kunnen bijvoorbeeld liggen op het technische vlak: huisvestings-, voer- of melksysteem. Zaken die een directe invloed hebben op het technisch resultaat en vervolgens automatisch doorwerken in het financieel resultaat. De knelpunten kunnen ook puur op het financiële vlak liggen: hoogte van de financiering per kilogram melk, huisvestingskosten, machinekosten enz. Als dit significante knelpunten zijn, betekent dit dat de vaste kosten per kg melk te hoog zijn/worden.

Zijn de knelpunten binnen het bedrijf bekend, dan kunt u mogelijk bijsturen en daarmee de inkomenscapaciteit van het bedrijf verbeteren. Pas na het verhelpen van de knelpunten is de keuze van opschaling aan de orde. Wanneer opschaling resulteert in het verlagen van de vaste lasten per eenheid product is de actie in deze richting op economische gronden verantwoord. In alle andere gevallen zullen andere aspecten, zoals financieringsniveau, eigen vermogen, toekomstperspectief van de gegeven bedrijfsomvang enz., bij de beoordeling een (doorslaggevende) rol gaan spelen.

Het is in uw belang uw bedrijf cijfermatig inzichtelijk te maken en daarmee de trend in beeld te krijgen. Dit kan door de jaarrekening van een drietal achtereenvolgende jaren uit te werken tot op saldoniveau.

Opbrengsten

-/- toegerekende kosten

saldo

-/- niet toegerekende kosten

brutowinst

-/- afschrijvingen

-/- aflossingen

-/- rentelasten

nettowinst

Bereken hieruit het saldo per kilo melk, de kritische kostprijs van een kilo melk, de voerkosten per kilo melk. Bereken ook eens de financiering per kilo melkquotum en de daaruit voortvloeiende financieringslasten per kilo melkquotum. Zoek binnen het bedrijf naar de oorzaak van de afwijkingen ten opzichte van het sectorgemiddelde. Met stijgende verbazing zult u kennis nemen van uw eigen bedrijfssituatie.

Mocht u behoefte hebben aan hulp of aan een schematische opstelling van de uit te werken gegevens, neemt u dan gerust contact met ons op.

Een verhelderend overzicht kost vaak minder tijd dan u denkt en kan een goede hulp vormen bij verdere verbetering van uw resultaat.



> Verstuur uw vraag/opmerking n.a.v. dit artikel