Overgangsregeling grondmonsters duidelijk, versoepeling bij fosfaatarme grond

Geplaatst op 23 december 2020

De fosfaattoestand voor landbouwgrond wordt vanaf 1 januari 2021 bepaald op basis van de indicatoren PAL- en P-PAE-getal.

Uit de nieuwe overgangsregeling blijkt, dat voor de fosfaatdifferentiatie de fosfaattoestand nog bepaald mag worden op basis van het Pw- of PAL-getal als het grondmonster uiterlijk 31 december 2020 is genomen. Voor fosfaatarme en fixerende gronden mag dit alleen als in de Gecombineerde opgave 2020 (of eerder) is gemeld, dat van de fosfaatreparatiebemesting gebruikt wordt gemaakt. Het monster moet dan uiterlijk 15 mei 2020 zijn geanalyseerd. Vanaf 2021 mag ook een standaardmonster worden gebruikt voor ‘fosfaatarme’ gronden.

Vanaf 2021 moet de fosfaattoestand van een perceel (bouw- en grasland) bepaald worden aan de hand van twee indicatoren: het PAL-getal en het P-PAE-getal.

Fosfaatdifferentiatie: geldigheid ‘oude’ grondmonsters

Voor de fosfaatdifferentiatie (fosfaattoestand laag, neutraal, ruim, hoog) geldt dat grondmonsters die op uiterlijk 31 december 2020 zijn genomen, ook zonder P-PAE-getal nog gebruik kunnen worden. Uiteraard mag een dergelijk grondmonster op 15 mei van het betreffende jaar niet ouder zijn dan vier jaar.

Overgangsregeling fosfaatarme en -fixerende gronden

Voor fosfaatarme en fixerende gronden (fosfaattoestand ‘arm’) is de overgangsregeling anders opgesteld. Hiervoor kan alleen een ‘oud’ grondmonster worden gebruikt, indien de analyse uiterlijk 15 mei 2020 bekend was en in de Gecombineerde opgave van 2020 (of eerder) is aangegeven dat gebruikgemaakt wordt van de hogere fosfaatnorm van 120 kg per ha. Uiteraard moet ook een dergelijk grondmonster op 15 mei van het betreffende jaar nog geldig zijn, dus niet ouder zijn dan vier jaar. Ook moet er sprake zijn van een gestratificeerd monster.

Dit artikel heeft betrekking op de volgende werkvelden: